Van de armen begraven

‘Van de armen begraven worden’ is al een oud begrip, maar het bestaat nog steeds. Tegenwoordig heet het een gemeentelijke begrafenis. De gemeente betaalt de begrafenis als je niets en niemand hebt die dat voor je regelt. Het is de goedkoopste uitvaart die je kunt bedenken. Het wordt betaald van gemeenschapsgeld, dus alle sociale, religieuze of andere persoonlijke toevoegingen zijn niet toegestaan, die worden niet vergoed.

Zakelijk gezien zijn het uitvaarten die nauwelijks iets opleveren. In geld dan, maar ik doe ze ‘graag’, want ze geven op een bijzondere manier voldoening. Ik ben uitvaartondernemer geworden om nabestaanden bij te staan om een uitvaart te verzorgen die past bij de overledene. In deze situaties is mijn rol niet groot, maar kan wel het verschil maken voor de betrokkenen. Ik kan ze binnen de marges van de kleine speelruimte de mogelijkheden laten zien die wèl kunnen en ze daarbij zo ruimhartig mogelijk helpen en ondersteunen. Verder is het aan de bereidheid en creativiteit van de betrokkenen er invulling aan te geven.

Problematisch leven

Onlangs werd ik gevraagd om zo’n uitvaart te regelen. Je weet dan dat het gaat om de afsluiting van een vaak problematisch leven, waar veel niet goed is gegaan. Contact met familie is doorgaans verbroken. Medewerkers van sociale dienstverlenende instanties zijn vaak de enige sociale contacten. Bij het overlijden zijn zij degenen die zich met hart en ziel voor de laatste keer inzetten voor hun cliënt. Ik heb het vaker gezien. Ook nu weer.

Hartverwarmend

In een stadstuin in Utrecht was onder een overkapping met zorg een plek ingericht voor de overledene. Aan weerszijden van de kist stonden potjes met rode petunia’s en vazen met veldbloemen. Aan het hoofdeinde een recente foto, dezelfde rode petunia’s en sfeervolle waxinelichtjes in jampotjes. Hartverwarmend, net als het aangelegde houtvuur. We konden zowel rond de kist als rond het vuur zitten. En er was koffie met een cakeje.
We luisterden naar zijn lievelingsmuziek, met aandacht werd zijn leven herdacht en een stadsdichter had er mooie woorden voor gevonden. Het was een klein, maar goed gezelschap: twee medebewoners, vier medewerkers van de instantie en zijn dochter met wie hij op het laatst weer contact had gekregen. Zij had haar twee kleine kinderen bij zich, die opa niet kenden.
De intensiteit en de genomen moeite om deze man een waardig afscheid te geven, bleven mij de rest van de dag bij.

Narda Delhaas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *